|
©
Jelica Novakovic 11 November 2001 Toen
ik hoorde dat de zoveelste oorlog afgelopen was dacht ik: Onzin,
hij heeft alleen zijn koffers gepakt en is verhuisd. In zijn hedendaagse
gedaante van gladde, welbespraakte Yup is het Eeuwige Kwaad gewoon weer op
zoek naar een nieuw adres.
Afhankelijk van zijn verblijfplaats kiest hij dan een ander pak en zet een
ander gezicht op. Het gezicht bijv. van de trotse patriot, of van de
vurige idealist, of van de rechtvaardige wreker, of van de doodgewone
moordlustige plunderaar, of van de cynische nihilist. Zijn retoriek blijft
echter overal dezelfde - hij gebruikt alleen tegenstellingen, geen
nuances. Hij prikkelt het zelfgevoel van iedere partij in het conflict en
sterkt ze paaiend in de overtuiging van hun eigen gelijk. Verleidelijk kan
dat zijn voor de luie, weke massa van onze hersenen. Toen ik onder de
bommenregen heb gezeten heb ik ook wel eens gedacht: het zijn WIJ die de
bommen krijgen en ZIJ die de bommen gooien. In je angst en machteloosheid
heb je dan wel eens de neiging om te gaan haten, maar wie moest ik me dan
in godsnaam voorstellen onder dat ZIJ? Hun politici? Hun militairen? Hun
geile woordvoerders? Hun belastingbetalers? Hun hele volk of volkeren? En
waren het wel alleen de hunnen die erachter zaten, of waren er ook van de
onzen bij betrokken? Ik heb ze niet van dichtbij kunnen zien want mijn
kleine oorlog, die volgens sommigen niet eens die naam verdient, had geen
gezicht. Die oorlog had geen hatelijk trekken van een moordlustige soldaat
of paramilitair. Hij was clean en onherkenbaar, bijna een onwezenlijke
hogere macht die in haar vermeentelijk rechtvaardige toorn soms ook
onschuldigen met de grond gelijk maakte (maar liefst twee duizend keer of
meer). Toen
ik de beelden van de brandende WTC-torens zag, de doodsagonie van al die
nog levende fakkels, moest ik aan mijn dode buurman Bane denken bij wie
een kruisraket op het bureau was geland. Wat was het verschil tussen hen?
Twee jaar geleden waren ze nog officiële vijanden van elkaar, nu zweven
ze samen als onzichtbare partikeltjes door de dampkring van onze planeet.
En de gefrituurde Afgaanse kinderen, vrouwen, bejaarden, de vijanden van
nu? Die zweven nu ook mee. Enkele jaren geleden waren hun leiders nog
beste maatjes van hun huidige vijanden. Maakt dat iets uit? Natuurlijk
niet. De goden moeten hun getal hebben. Ik hoorde er deze keer gelukkig
niet onder, maar je weet het nooit. Naar sommige van zijn vaste
verblijfplaatsen komt Oorlog graag terug. Hoe armoediger zijn logies, hoe
vaker. Als gewoon mens heb je dus weinig keus dan je te schikken in je lot
en blij te zijn dat je het weer eens overleefd hebt. En misschien elkaar
eventjes meelevend en begripvol toe te zwaaien. “How does it feel...”
heeft Dylan ooit gezongen. Nu weten heel wat mensen meer hoe het voelt,
ook in Amerika, en alles wat we kunnen doen is elkaar meelevend en
begripvol toe te zwaaien. Wat
mij werkelijk intrigeert zijn de gezichten van de menselijke goden die
Oorlog erop uitsturen om hun getallen (in menselijke levens maar vooral in
klinkende munt) binnen te halen. Ik ben er van overtuigd dat het heel
andere gezichten zijn dan de kleine aardse boeven die ze ons in de kranten
als heersers over leven en dood voorschotelen.
"Forum"
Give your reaktion |